Tijdens de behandeling van de Comptabiliteitswet in De Nationale Assemblée heeft DNA-lid Rui Wang kritische vragen gesteld aan de minister van Financiën en Planning over de nieuwe leningen die door de overheid zijn aangegaan.
Wang vroeg onder meer of het juist is dat de totale rentelast van de recente leningen zou oplopen tot ongeveer US$ 1 miljard. Ook stelde hij dat de huidige regering in tien maanden tijd meer zou hebben geleend dan de vorige regering in vijf jaar. Hij vroeg de minister om te bevestigen of deze stelling klopt. Daarbij merkte hij op: “Als uw antwoord Ja is minister, dan rijdt Suriname momenteel met 380 kilometer per uur recht op een muur aan”.
Minister van Financiën en Planning, Adelien Wijnerman, gaf in haar beantwoording een overzicht van de leningen die zowel door de vorige als de huidige regering zijn afgesloten. Volgens haar heeft de vorige regering in totaal ongeveer US$ 2,2 miljard aan leningen afgesloten, verdeeld over circa 35 buitenlandse leningen en 28 binnenlandse leningen.
Met betrekking tot de huidige regering gaf de minister aan dat sinds haar aantreden ongeveer US$ 1,8 miljard is geleend. Zij benadrukte echter dat dit bedrag grotendeels bestaat uit twee obligatieleningen (bonds), waardoor het volgens haar niet correct is om het volledige bedrag als nieuwe schuld te beschouwen. Effectief is er volgens de minister ongeveer US$ 596 miljoen aan extra schuld bijgekomen.
De minister lichtte verder toe dat de totale rentelast van deze twee obligaties over een periode van tien jaar naar verwachting ongeveer US$ 1,3 miljard zal bedragen.
Daarnaast gaf Wijnerman aan dat van de US$ 1,8 miljard ongeveer US$ 1,2 miljard is gebruikt voor het aflossen of herfinancieren van bestaande schulden. Dit betreft onder meer de bond van 2033, de VRI-regeling en andere vervroegd afgeloste leningen.
Verder maakte zij de volgende verdeling bekend:
ongeveer US$ 186 miljoen is bestemd voor sociale projecten;
ongeveer US$ 380,5 miljoen heeft betrekking op renteverplichtingen die onderdeel zijn van de obligatieconstructie;
en ongeveer US$ 29,6 miljoen bestaat uit kosten verbonden aan de uitgifte van de obligaties.
