Luchtvaartmaatschappijen KLM Royal Dutch Airlines en Air France verhogen de tarieven voor langeafstandsvluchten. Reizigers die vanaf 11 maart 2026 een ticket boeken in Economy Class betalen voortaan 50 euro extra voor een retourvlucht.
Volgens een woordvoerder is de prijsverhoging het gevolg van de huidige geopolitieke situatie in het Midden-Oosten, waardoor brandstofprijzen sterk zijn gestegen. De geopolitieke spanningen in de regio hebben geleid tot een sterke en plotselinge stijging van de brandstofprijzen, met name voor kerosine. Als gevolg daarvan verhogen Air France en KLM de tarieven voor langeafstandsvluchten voor tickets die vanaf 11 maart 2026 worden uitgegeven. In Economy Class stijgt de prijs met 50 euro per retourticket.
De luchtvaartmaatschappijen nemen deze maatregel om de gestegen operationele kosten deels op te vangen.
Ook in de bredere luchtvaartsector wordt rekening gehouden met verdere prijsstijgingen. Volgens Willie Walsh, topman van de International Air Transport Association (IATA), kunnen de kosten van vliegtickets met ongeveer 8 tot 9 procent stijgen als de olieprijzen hoog blijven. Hij stelt dat een stijging van ticketprijzen in dat geval vrijwel onvermijdelijk is.
De prijs van kerosine, die voor een groot deel uit het Midden-Oosten komt, is volgens hem in vergelijking met vorige maand met meer dan 70 procent gestegen. Walsh wijst erop dat brandstofkosten ongeveer een kwart van de totale uitgaven van luchtvaartmaatschappijen uitmaken. Het grootste probleem voor luchtvaartmaatschappijen is volgens hem de sterke volatiliteit van de olieprijs en de snelheid waarmee die verandert. Bij een zeer snelle stijging is het voor maatschappijen moeilijk om de extra kosten onmiddellijk te compenseren.
