Sharmila Ramadhin, directeur Integrity & Governance Suriname, heeft tijdens Manten Taki bij STVS haar zorgen geuit over het huidige benoemingsbeleid rondom raden van commissarissen (RvC’s). Zij omschreef de situatie als ernstig en stelde dat, ondanks eerdere uitspraken dat er zou worden gekeken naar een beter benoemingsbeleid en het aanstellen van competente personen, er toch benoemingen plaatsvinden die niet op de juiste manier gebeuren.
Ramadhin noemde in dit kader voorbeelden van instellingen zoals de Centrale Bank van Suriname, Self Reliance en TAS. Zij pleit daarom voor een herziening van de manier waarop toezicht in parastatale bedrijven wordt georganiseerd, zodat dit in het belang van het bedrijf gebeurt.
Zij benadrukte dat toezichthouders er zijn om de belangen van het bedrijf te dienen en niet die van de aandeelhouder. Dit vereist volgens haar onafhankelijk handelen, naast voldoende competentie. Bij het benoemen van politieke loyalisten moet daarom ook rekening worden gehouden met kennis en karakter.
Ramadhin stelde dat toezicht niet operationeel moet worden. Volgens haar is er in de afgelopen periode onduidelijkheid ontstaan over de rolverdeling binnen organisaties. Het is niet de bedoeling dat toezichthouders het bedrijf gaan runnen; dat is de taak van de directie, terwijl de RvC toezicht houdt.
Zij noemde verschillende vereisten voor goed toezicht, waaronder het kunnen beoordelen van financiële rapportages, het begrijpen van governance, het inschatten van risico’s en het strategisch kunnen denken. Ook onafhankelijk kunnen handelen en besluiten kunnen beoordelen die in de boardroom worden genomen, zijn volgens haar essentieel. Dit vereist ervaring en inzicht in de werking van een directie.
Volgens Ramadhin is het schadelijk wanneer benoemingen uitsluitend op politieke loyaliteit worden gebaseerd, zonder rekening te houden met competentie en karakter. Zij stelde dat Suriname aan de vooravond staat van grote ontwikkelingen waarbij in de komende jaren miljarden het land zullen binnenkomen, terwijl het toezicht nog niet goed is georganiseerd.
Good governance betekent volgens haar duidelijke selectiecriteria, transparante processen en toezichthouders die voldoende zijn toegerust voor hun taak. Zij riep ook personen die worden gevraagd voor een RvC-functie op om zichzelf kritisch af te vragen wat hun toegevoegde waarde is binnen een bedrijf, en of zij de sector begrijpen en over de nodige kennis en ervaring beschikken.
Hoewel inhoudelijke kennis volgens haar kan worden aangeleerd, benadrukte zij dat karakter minstens zo belangrijk is. Dit heeft te maken met moed en de durf om integer te blijven, ook wanneer niemand meekijkt.
Ramadhin gaf aan dat bij het benoemen van politieke loyalisten erop moet worden toegezien dat deskundigen worden geselecteerd en dat deze ook verder worden getraind.
Tot slot verwees zij naar de situatie bij Self Reliance, waarbij eerder in de media werd gemeld dat de overheid had geëist dat vier onafhankelijke RvC-leden zouden worden ontslagen. Dit besluit werd uiteindelijk ingetrokken. Ramadhin stelde dat er in dit geval waarschijnlijk een fout is gemaakt, die later is gecorrigeerd en teruggebracht naar de oude situatie.

