De regering van Suriname, Staatsolie Maatschappij Suriname N.V. en oliemaatschappij TotalEnergies hebben woensdag een Memorandum of Understanding (MoU) ondertekend voor de verdere ontwikkeling van beroepsonderwijs en vaktrainingen in Suriname. De ondertekening vond plaats tijdens het Local Content Forum van de zesde Suriname Energy, Oil & Gas Summit & Exhibition (SEOGS 2026) in Roeli’s Event Venue. Met de overeenkomst willen de partijen Surinaams talent beter voorbereiden op de kansen die de opkomende olie- en gasindustrie en andere economische sectoren bieden.
De MoU werd ondertekend door president Jennifer Simons, algemeen directeur Artur Nunes da Silva van TotalEnergies, Staatsolie-directeur Annand Jagesar en de ministers Patrick Brunings van Olie, Gas en Milieu, André Misiekaba van Volksgezondheid, Welzijn en Arbeid en Dirk Currie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur.
President Simons benadrukte dat het initiatief verder gaat dan alleen de olie- en gassector. Volgens haar draait het programma om duurzame ontwikkeling, maatschappelijke vooruitgang en welzijn. Zij stelde dat beroepsonderwijs momenteel een van de belangrijkste aandachtspunten voor jongeren, ouders en het land is. Hoewel wetenschappers nodig blijven, bestaat er volgens het staatshoofd een groeiende behoefte aan vakmensen met een praktijkgerichte opleiding.
De president riep daarnaast vroegtijdige schoolverlaters op om opnieuw aansluiting te zoeken bij het onderwijs en te kiezen voor een vakopleiding. Volgens haar verdienen vakmensen in sectoren zoals de bouw tegenwoordig vaak meer dan werknemers in kantoor- of directiefuncties. Ook ziet zij beroepsonderwijs als een belangrijk middel om jongeren perspectief te bieden en hen weg te houden van criminaliteit. De overheid moet dit initiatief daarom benutten als onderdeel van een bredere nationale beweging die kansen creëert voor de Surinaamse jeugd.
Algemeen directeur Nunes da Silva gaf aan onder de indruk te zijn van de impact die het project kan hebben op de ontwikkeling van jongeren in Suriname. Hij wees erop dat theorie belangrijk blijft, maar dat goed opgeleide technici uiteindelijk een cruciale rol zullen spelen in de economische ontwikkeling van het land. De overeenkomst vormt het overkoepelende kader voor het capaciteitsopbouwprogramma SURICAP, waarmee curricula beter zullen worden afgestemd op de behoeften van de arbeidsmarkt. Daarnaast wordt ingezet op de bijscholing van docenten en de modernisering van leeromgevingen, zodat Surinaams talent breed inzetbaar wordt binnen verschillende economische sectoren.
Staatsolie-directeur Jagesar benadrukte dat de voordelen van de olie- en gasindustrie zich niet zullen beperken tot die sector alleen. Volgens hem zullen ook andere belangrijke sectoren, zoals toerisme en gemechaniseerde landbouw, profiteren van de ontwikkelingen. Hij moedigde jongeren aan initiatief te tonen, vragen te stellen en actief kennis te vergaren om zo bij te dragen aan de verdere ontwikkeling van Suriname.
De betrokken ministers stonden stil bij de praktische uitvoering van het programma. Minister Misiekaba wees op investeringen in opleidingsinstituten zoals de Stichting Arbeidsmobilisatie en Ontwikkeling (SAO), de Stichting Productieve Werkeenheden (SPWE) en het Suriname Hospitality and Tourism Training Centre (SHTTC), met als doel studenten sneller inzetbaar te maken op de arbeidsmarkt. Minister Brunings sprak zijn waardering uit voor de samenwerking en de gezamenlijke inzet van alle betrokken partijen. Minister Currie benadrukte dat de omschakeling naar meer praktijkgericht onderwijs ook een verandering vraagt in de manier waarop ouders en docenten naar onderwijs kijken, waarbij karaktervorming en persoonlijke ontwikkeling een belangrijke rol spelen.
