De Cursus tot Groepscommandant (klas 2025-02) is met succes afgerond door 34 militairen bij het Instituut voor Defensie Opleidingen (IDO). De cursus, die als doel had vakbekwame onderofficieren op te leiden, heeft ongeveer vijf maanden geduurd en bestond uit zowel theoretische als praktische trainingen.
Kapitein Dyoma Blokland, commandant van de Militaire School (MS), gaf de geslaagden mee dat een onderofficier de ruggengraat vormt van het Nationaal Leger en een belangrijke schakel is tussen manschappen en officieren. Hij benadrukte dat onderofficieren in de meeste gevallen ook de directe leiders van manschappen zijn en als aanspreekpunt fungeren. Volgens hem moeten zij naast leiderschapskwaliteiten ook in staat zijn personeel te motiveren, te coachen en te begeleiden.
De bevelhebber van het Nationaal Leger, brigadegeneraal Werner Kioe A Sen, stelde dat de afronding van deze intensieve opleiding vooral het begin markeert van de verantwoordelijkheid die deze onderofficieren gaan dragen. Hij benadrukte dat deze verantwoordelijkheid zwaarder weegt dan rang of onderscheiding en dat de rol van onderofficier geen symboliek is, maar essentieel en onmisbaar binnen de organisatie en daarom zeer serieus wordt genomen.
Volgens IDO-commandant kolonel Justus Hew A Kee is tijdens de cursus de focus verschoven van louter vakinhoud naar de kracht van andragogie, de kunst van het begeleiden van volwassenen. Hij gaf aan dat een moderne leider weet dat volwassen professionals anders moeten worden aangestuurd dan een reguliere schoolklas. Het IDO heeft volgens hem drie pijlers centraal gesteld in de opleiding: zelfsturing en eigenaarschap, ervaring als fundament en relevantie en praktijk. Hij riep de geslaagden op het geleerde niet alleen als theorie te gebruiken, maar als kompas in het veld en op de werkvloer.
Foto: Ministerie van Defensie

