VHP-fractieleider Asis Gajadien stelt, terugblikkend op één jaar regering-Simons-Rusland, dat het benoemingsbeleid van de regering zorgwekkend is. Volgens hem worden mensen met een bepaalde verleden benoemd op cruciale posten. Hij noemt dit een dubbele moraal van de regering. Dat zei hij in gesprek met TBN Prime Alert.
Aan de ene kant wordt volgens Gajadien gesproken over een “no-nonsensebeleid”, terwijl aan de andere kant personen die de staat volgens hem ernstig hebben benadeeld een belangrijke positie krijgen.
Verder uitte Gajadien kritiek op de regering omdat zij vanaf het begin geen duidelijk beleid heeft gepresenteerd over de richting die zij wil inslaan. Tijdens de jaarrede zijn volgens hem vooral algemene zaken genoemd, maar is het onduidelijk hoe deze gerealiseerd zullen worden. Ook de begroting vertoont volgens hem enorme tekorten en het is niet duidelijk hoe deze gefinancierd zullen worden.
Wat betreft het beleid zou volgens Gajadien inmiddels duidelijk moeten zijn welke richting Suriname opgaat met het meerjarenontwikkelingsprogramma, waarbij alle organisaties en de samenleving betrokken worden. Volgens hem is dit echter nog niet gebeurd.
Als grootste zorgpunt noemt Gajadien het financiële beleid dat het afgelopen jaar is gevoerd. Volgens hem is hierdoor een zwaardere last gelegd op toekomstige generaties. Hij ziet nog geen hoop dat het beleid de goede richting opgaat, maar noemt tegelijkertijd enkele verbeteringen, zoals de aankondigingen rond digitalisering van een aantal diensten en aanpassingen binnen het sociaal beleid.
Volgens Gajadien heeft de regering beloofd verbeteringen te brengen, maar wordt tot nu toe vooral voortgezet wat door de vorige regering is opgezet. Volgens hem zijn er geen nieuwe zaken geïntroduceerd. “Het is meer voor de gekhouwerij als men zou zeggen dat men iets nieuws heeft geïntroduceerd, tot nu toe heb ik niets nieuws gezien”, zei hij.
De leefsituatie van burgers is volgens Gajadien na een jaar niet verbeterd. Van volksbuurten tot de middenklasse zou iedereen klagen over de huidige situatie. Hij wijst daarbij op de stijgende inflatie als gevolg van het beleid, waardoor alles duurder wordt. Volgens hem is de koopkracht het afgelopen jaar afgenomen.
