IMF-hoofdonderhandelaar Karel Eckhorst waarschuwt in het tijdschrift Parbode dat de Surinaamse economie weer onder druk staat. Zijn analyse, gebaseerd op de recente Artikel IV-missie van het Internationaal Monetair Fonds (IMF), laat zien dat de overheidsuitgaven sterk stegen, de financiële discipline verzwakte en de inflatie, die in februari nog 6% bedroeg, enkele maanden later opliep naar 12%. Deze inzichten vormen een belangrijke waarschuwing voor de regering en voor de bredere economische koers van het land.
Volgens Eckhorst begon de verslechtering vlak vóór de verkiezingen, toen de overheid “een beetje is gaan verslappen”. Door die verslapping nam de geldhoeveelheid in de economie snel toe, met directe gevolgen voor de wisselkoers. Dit toont volgens het IMF aan dat de economische stabilisatie van de afgelopen periode opnieuw wordt bedreigd. Het Fonds waarschuwt dat oplopende uitgaven zonder structurele dekking de fundamenten van de economie aantasten. Meer SRD’s in omloop drukken de waarde van de munt en jagen de prijzen verder omhoog.
Tijdens de recente Artikel IV missie sprak het IMF met vijftig beleidsmakers, technici en economische instellingen. De uitkomst was glashelder: de overheid heeft een uitgavenpiek veroorzaakt, zonder dat daar structurele inkomsten tegenover stonden. Het gevolg was een nieuwe ronde inflatoire druk en extra spanning op de wisselkoers. Eckhorst noemt de huidige uitgavenpatronen “niet houdbaar” en benadrukt dat Suriname opnieuw een cruciaal moment heeft bereikt. Terwijl het land net begon te herstellen van jaren van wanbeheer, dreigt een herhaling van fouten het recente herstel teniet te doen.
Het IMF pleit voor striktere begrotingsdiscipline, betere belastinginning, herziening van subsidies en versterking van economische instituten, vooral richting de verwachte olie en gasinkomsten vanaf 2028. Het Fonds wijst erop dat Suriname zijn financiële fundamenten moet verstevigen vóór de inkomsten uit de energiesector binnenkomen, om te voorkomen dat het land in een nieuwe welvaartsval terechtkomt. Eckhorst ziet dat op ministeries zoals Financiën & Planning en bij de Centrale Bank van Suriname sterk kader aanwezig is, maar benadrukt dat dit nog onvoldoende is om alle uitdagingen te dragen.
Ondanks de zorgwekkende trends wijst Eckhorst op enkele kleine lichtpuntjes. Zo sneed president Jennifer Simons recent de budgetten voor eindejaarsvieringen drastisch terug, een duidelijke poging om verspilling tegen te gaan. Maar volgens het IMF zijn veel grotere structurele ingrepen nodig om stabiliteit terug te brengen.
Eckhorst vertrekt na tien jaar bij het IMF, waar hij een sleutelrol speelde in de herschikking van de staatsschuld en in het Extended Fund Facility (EFF) programma. Zijn analyse blijft echter relevant: Suriname staat op een economisch kruispunt. De inflatie stijgt, de SRD verzwakt en het begrotingstekort groeit. De vraag is nu of de overheid de adviezen zal volgen en kiest voor stabiliteit en hervormingen. Het IMF heeft de alarmbel geluid, het is aan Suriname om te reageren voordat de economische situatie verder verslechtert.
