Het Openbaar Ministerie (OM) heeft De Nationale Assemblee (DNA) gevraagd om de voormalige minister van Financiën Gillmore Hoefdraad in staat van beschuldiging te stellen. Het verzoek volgt uit een omvangrijk strafrechtelijk onderzoek naar onregelmatigheden bij het ministerie van Financiën en de Surinaamse Postspaarbank (SPSB) in de periode 2015–2020.
Uit het onderzoek blijkt volgens het OM dat er een systeem zou zijn opgezet waarbij honderden miljoenen Surinaamse dollars aan staatsmiddelen buiten de reguliere controle om via de SPSB werden beheerd en besteed. Dit gebeurde volgens de onderzoekers in samenwerking met de toenmalige directeur van de SPSB, Ginmardo Kromosoeto.
Volgens het OM werd hiermee het wettelijke systeem omzeild waarbij de Centrale Bank van Suriname (CBvS) normaal als kassier van de Staat optreedt. Staatsinkomsten, zoals belastinggelden en visumopbrengsten, zouden naar rekeningen bij de SPSB zijn geleid, waar vervolgens ongecontroleerde uitgaven plaatsvonden.
Daarnaast zou gebruik zijn gemaakt van tussenrekeningen en lege vennootschappen om geldstromen te verplaatsen en betalingen te doen aan derden. Een voorbeeld dat wordt genoemd is het Fonds Woningbouw Lagere Inkomens, waarbij SRD 150 miljoen volgens het onderzoek zou zijn omgebogen naar een private vennootschap om schulden te dekken.
Het OM stelt verder dat toezicht door instanties zoals de CLAD en de Centrale Bank actief werd bemoeilijkt, onder meer door inspecties uit te stellen en financiële rapportages niet tijdig te laten opstellen.
Ook zou sprake zijn geweest van persoonlijke bevoordeling, waaronder een lening van de SPSB voor de aankoop van een woning door Hoefdraad, die volgens het onderzoek uiteindelijk ten laste van de Staat zou zijn gebracht.
Op basis hiervan verdenkt het OM Hoefdraad van meerdere strafbare feiten, waaronder:
• deelneming aan een criminele organisatie
• corruptie
• valsheid in geschrifte
• oplichting van de Staat
• verduistering van staatsgelden
• ambtsmisdrijven
Omdat Hoefdraad een voormalig politiek ambtsdrager is, moet De Nationale Assemblee eerst besluiten hem in staat van beschuldiging te stellen voordat verdere strafrechtelijke vervolging kan plaatsvinden.
Hoefdraad is in Suriname al eerder veroordeeld. Hij werd op 17 december 2021 door de krijgsraad bij verstek veroordeeld tot 12 jaar gevangenisstraf en een boete van SRD 500.000 wegens onder meer corruptie en financiële misdrijven. In hoger beroep heeft het Hof van Justitie op 19 januari 2026 de straf verlaagd naar 10 jaar gevangenisstraf, terwijl de boete van SRD 500.000 bleef gehandhaafd. Hoefdraad was niet aanwezig bij de uitspraak en geldt nog steeds als voortvluchtig, waardoor de straf tot nu toe niet is uitgezeten.
