Tijdens de openbare zitting van gisteren, waarin Bronto Somohardjo werd gehoord door de commissie belast met het horen van politieke ambtsdragers en gewezen politieke ambtsdragers, werd onderzocht of hij eventueel in staat van beschuldiging kan worden gesteld.
Ronnie Brunswijk, die toen vicepresident was, vroeg tijdens de zitting door wie het CLAD-onderzoek was aangevraagd: door Somohardjo zelf of door iemand anders.
Somohardjo verklaarde daarop dat de opdracht voor het CLAD-onderzoek tegen hem is gegeven door wijlen voormalig president Chan Santokhi.
Brunswijk vroeg vervolgens om verduidelijking en stelde opnieuw de vraag of Somohardjo niet zelf de toenmalige president had verzocht om een onderzoek.
Somohardjo bleef bij zijn verklaring. Brunswijk bleek duidelijk verbaasd over het antwoord en stelde dat hij op dat moment zelf aanwezig was en suggereerde dat het op verzoek van Somohardjo gebeurde.
Somohardjo gaf aan niet in discussie te willen gaan en stelde dat dit niet relevant is.
Somohardjo wordt ervan beschuldigd personeel en materieel van het ministerie te hebben ingezet voor partijpolitieke doeleinden. Daarnaast zouden overuren die in dat kader zijn gemaakt door ambtenaren door de Staat zijn bekostigd.
