Onderwijsminister Dirk Currie geeft aan dat er binnen het ministerie sprake is van grote achterstanden die al jaren bestaan. Volgens hem zijn er te veel processen die het werk vertragen. Het ministerie werkt aan het aanpassen en verkorten van deze procedures en start daarbij met de processen die de grootste verlichting moeten brengen voor leerkrachten.
Het gaat daarbij onder meer om achterstanden bij de inschaling van leerkrachten, de uitbetaling van overuren, het toekennen van gratificaties en vaste aanstellingen. Deze knelpunten veroorzaken volgens de minister de meeste problemen voor leerkrachten, en hierin zijn de achterstanden het grootst.
In sommige gevallen worden stukken ook laat ingediend. Als voorbeeld noemt hij de Fibos-scholen, waar stukken uit 2022, 2023 en 2024 voor gratificaties pas in 2026 binnenkomen. Ook bij openbare scholen zijn er grote achterstanden. De minister doet daarom een beroep op scholen om stukken tijdig op te sturen naar het ministerie.
De administratie binnen het ministerie is volgens hem nog handmatig, waardoor medewerkers stapels documenten moeten doorzoeken. Hij wil daarom overstappen op digitalisering.
Daarnaast is er volgens de minister ook een achterstand bij de afdeling Personeelszaken, die bovendien kampt met een personeelstekort. Dit zorgt eveneens voor vertraging. Er wordt gekeken naar de beschikbaarheid van voldoende en gekwalificeerd personeel om het werk beter te kunnen uitvoeren.
Op dit moment werkt hij aan het vastleggen van vijf processen binnen het ministerie die eerder niet formeel waren vastgelegd, zodat de afhandeling van stukken beter zichtbaar wordt.
Ook wijst hij op veranderingen in de organisatiestructuur, waarbij het ministerie in het verleden één directeur had en nu vijf directeuren samen met de afdeling Cultuur. Volgens hem zijn de processen daarbij niet aangepast, wat zorgt voor opstoppingen omdat alle stukken via één directeur moeten lopen. Daarom is volgens hem niet alleen procesverkorting nodig, maar ook herverdeling van taken en verantwoordelijkheden.
De minister stelt te werken aan een structurele oplossing voor de bestaande achterstanden.
