DNA-lid van de NPS, Poetini Milando Atompai, heeft zich vandaag via zijn Facebookpagina uitgesproken voor de invoering van een solidariteitsheffing van bijna 20 procent voor grootverdieners. Volgens hem is het onaanvaardbaar dat in tijden van economische druk vooral de zwaksten in de samenleving de zwaarste lasten blijven dragen.
Hij stelt dat wanneer het moeilijk blijkt om de kleine man tegemoet te komen en wetten terug te draaien die de bevolking raken, de pijn niet eenzijdig mag worden neergelegd bij mensen die al moeite hebben om rond te komen. De kleine man vecht volgens hem nog steeds om financieel uit te komen.
Daarom pleit hij voor een gerichte solidariteitsheffing bij de hoogste inkomens. Deze maatregel moet niet worden gezien als een straf, maar als een verantwoordelijkheid die hoort bij het hebben van meer draagkracht. Wie meer heeft, kan ook meer dragen wanneer het land het zwaar heeft. Er wordt opgeroepen tot gezamenlijke offers in moeilijke tijden, zodat er later ook samen vooruitgang kan worden geboekt.
Volgens de parlementariër heeft Suriname behoefte aan duidelijke keuzes en echte solidariteit, zonder uitstel of loze woorden. De oproep is gericht op een samenleving waarin niemand wordt achtergelaten.
Het initiatief komt op een moment van toenemende sociale onrust. Verschillende groepen, waaronder leerkrachten, hebben recent aan de bel getrokken over hun lage salarissen en hun zorgen zelfs bij de president neergelegd, zonder dat dit tot nu toe heeft geleid tot een verhoging van hun inkomen. Het salaris van SRD 13.000 per maand voor ambtenaren wordt door velen als onvoldoende ervaren en er lijkt geen oplossing te komen.
In het programma Bakana Tori benadrukte hij dat salarisverhogingen voor leerkrachten wordt afgewezen uit vrees voor inflatie, terwijl er tegelijkertijd middelen beschikbaar zijn voor hoge salarissen aan de top van de overheid. Het wringt volgens hem dat de president, ministers, DNA-leden en de rechterlijke macht rond de SRD 100.000 per maand ontvangen, terwijl er geen geld zou zijn om de lagere salarissen aan te passen. Dit onderstreept volgens hem de noodzaak van eerlijke keuzes en een rechtvaardigere verdeling van de lasten in economisch moeilijke tijden.
