Minister Andrew Baasaron van Economische Zaken, Ondernemerschap en Technologische Innovatie (EZOTI) heeft tijdens de persconferentie van de Raad van Ministers (RvM) duidelijk gemaakt dat hij zich niet laat leiden door politieke druk bij het al dan niet vervangen van functionarissen op zijn ministerie. Volgens de bewindsman staat het belang van Suriname voorop en niet partijpolitiek, waarbij hij benadrukte dat hij eerst kijkt naar resultaten.
Volgens Baasaron wordt er van verschillende kanten druk op hem uitgeoefend om het directieteam van zijn voorganger, VHP’er Rishma Kuldipsingh, te vervangen. Sinds zijn aantreden vijf maanden geleden heeft hij echter slechts één persoon uit het directieteam ontheven.
De minister gaf aan dat hij momenteel beschikt over een leiding op het ministerie die tot nu toe heeft bewezen volledig achter de visie van de regering te staan. Zijn uitgangspunt daarbij is dat Suriname altijd vóór partijpolitiek komt.
Baasaron erkende dat een groot deel van het huidige directieteam bestaat uit functionarissen met een VHP-achtergrond. Dat vormt voor hem echter geen reden om hen te vervangen. Hij gaf aan dat hij een duidelijke kijk heeft op leiderschap en management, mede gevormd door zijn ervaring in het bedrijfsleven. Volgens de bewindsman kan een ministerie niet effectief worden bestuurd met uitsluitend partijloyalisten, maar zijn capabele mensen noodzakelijk om de overheid goed te laten functioneren. Daarbij benadrukte hij dat het werk op een ministerie draait om teamwork en samenwerking en niet alleen om de inzet van de minister zelf.
De bewindsman maakte verder duidelijk dat hij niet van plan is om medewerkers willekeurig te verwijderen vanwege hun politieke achtergrond. Hij kijkt naar wie bereid en in staat is om bij te dragen aan de uitvoering van de visie van de regering. Medewerkers die die bereidheid en capaciteiten tonen, kunnen volgens hem gewoon aanblijven.
Tot nu toe heeft Baasaron slechts de onderdirecteur administratieve diensten ontheven. Die beslissing werd genomen naar aanleiding van klachten en ontevredenheid onder het personeel, aangevuld met zijn eigen observaties en bevindingen. De overige leden van het directieteam zijn vooralsnog volledig in functie.
De minister benadrukte dat de druk om meer functionarissen te vervangen blijft bestaan. Volgens hem is die druk het gevolg van een decennialang ingeburgerd patroon binnen het openbaar bestuur. Hij gaf aan een andere visie te hebben op leiderschap en op wat hij aanduidt als Suriname 2.0. In dat kader stelde hij dat er te weinig mensen beschikbaar zijn en dat te vaak capabele en gemotiveerde krachten onnodig aan de kant worden gezet.
Hoewel Baasaron niet uitsluit dat er in de toekomst personele wijzigingen zullen plaatsvinden binnen het directieteam, onderstreepte hij dat dit niet zal gebeuren op basis van gevoel of politieke druk. Eventuele besluiten tot vervanging moeten volgens hem altijd goed onderbouwd zijn.
Tijdens de verkiezingen van 2025 was Baasaron lijsttrekker van de gemeenschappelijke lijst onder de naam A20.
