29 August 2026

Op 13 februari 2024 stond Klaas Knot in de zaal van Torarica. Op 20 augustus 2026 stond Olaf Sleijpen er. Twee opeenvolgende presidenten van De Nederlandsche Bank, in dezelfde stad, op uitnodiging van dezelfde instelling, binnen tweeënhalf jaar.

Centrale banken doen niet aan toeval. Een DNB-president reist niet naar een land waarvan de monetaire autoriteit als onbetrouwbaar te boek staat. Dat er twee kwamen, zegt daarom meer over Suriname dan over Nederland.

Wat eraan voorafging

Om te begrijpen hoe uitzonderlijk dit is, moet je terug naar februari 2020. Governor Maurice Roemer trad aan bij een instituut waarvan de reputatie in binnen- en buitenland zwaar beschadigd was. Correspondentbanken keken mee. Internationale instellingen hielden afstand. Van gelijkwaardige samenwerking met een centrale bank uit het eurogebied was op dat moment geen sprake.

De weg terug is stap voor stap afgelegd, en grotendeels buiten het zicht van het publiek.

In mei 2021 maakte de CBvS bekend dat er technische samenwerking met DNB tot stand was gekomen. Sindsdien werken beide banken aan uiteenlopende projecten en trajecten. Het gaat daarbij niet om ceremoniële uitwisseling maar om het soort werk waar een instituut daadwerkelijk van verandert: toezichtmethodiek, monetair-beleidsraamwerk, governance, betalingsverkeer, capaciteitsopbouw van staf.

Dat fundament is later zichtbaar geworden in besluiten die iedereen kent: de formalisering van de stopzetting van monetaire financiering, het actieplan voor governancehervormingen, en uiteindelijk de Centrale Bankwet 2022.

Het eerste bezoek: kennismaking

Het bezoek van Knot in februari 2024 was zijn eerste aan het Caribisch gebied nadat DNB in juli 2022 excuses had aangeboden voor het eigen slavernijverleden. Naast de lezing in Torarica brachten hij en zijn delegatie werkinhoudelijke bezoeken aan de CBvS met een technisch en uitwisselend karakter. Hij sprak met de directie en de medewerkers van de Bank, en met president Santokhi over de economische situatie.

Knot constateerde toen dat Suriname stappen zet richting een gezonde economie, waaraan een goed werkende centrale bank die midden in de samenleving staat bijdraagt.

Dat was, gemeten naar centralebankmaatstaven, een aanzienlijk compliment. Maar het was vooral een kennismaking.

Het tweede bezoek: bevestiging

Wat Sleijpen twee jaar later kwam doen, was van een andere orde. Hij kwam niet kennismaken — hij kwam een oordeel geven over resultaat.

Dat oordeel was gunstig. Sleijpen noemde de Centrale Bankwet 2022 een goede zaak en wees op de daling van de inflatie van ongeveer 60 procent in 2021 naar ongeveer 10 procent nu. Het belang van die prestatie, zei hij, moet niet worden onderschat: naarmate de geloofwaardigheid van de Bank groeit, dalen de inflatieverwachtingen, en wordt verdere verlaging goedkoper in termen van productieverlies. Voor Surinamers betekent dat een stabielere economie en meer banen.

Governor Roemer verwelkomde Sleijpen en benadrukte de waarde van de langdurige samenwerking tussen beide instellingen. Het uitwisselen van kennis en ervaring, aldus Roemer, maakt centrale banken sterker en weerbaarder tegen de vraagstukken van de toekomst.

Beide banken hebben aangegeven de samenwerking de komende periode verder voort te zetten en te verdiepen.

De symboliek van het Elisabeth Samson Huis

Er zit nog een lijn in deze twee bezoeken die het opmerken waard is.

Knot bezocht in 2024 het Elisabeth Samsonhuis toen het nog werd gerenoveerd. Sleijpen was op 20 augustus 2026 aanwezig bij de feestelijke oplevering van datzelfde, inmiddels gerestaureerde pand.

Twee presidenten, één project, van steiger tot opening. Wie wil begrijpen wat continuïteit in institutionele relaties betekent, vindt daar een precies beeld van. Relaties tussen centrale banken worden niet in één bezoek gesloten. Ze worden opgebouwd, onderhouden en overgedragen — ook wanneer aan de andere kant de president wisselt.

Wat dit waard is

Voor een klein land met een open economie is dit soort verankering geen luxe. Het is infrastructuur.

Reputatie bij collega-centrale banken vertaalt zich in toegang: tot technische assistentie, tot correspondentbankrelaties, tot het oordeel van ratingbureaus en multilaterale instellingen die met dezelfde bril meekijken. Het bepaalt mede tegen welke voorwaarden Suriname zich financiert en hoe het buitenland naar de Surinaamse financiële sector kijkt — juist nu de olie-inkomsten in zicht komen.

Die positie is in zes jaar opgebouwd. Zichtbaar geworden is zij pas twee keer: in februari 2024 en in augustus 2026, allebei in dezelfde zaal aan de Kleine Waterstraat.

Wat daar te zien was, is geen diplomatiek gebaar geweest. Het was een bevestiging dat de Centrale Bank van Suriname weer meetelt.

 

Author

Share.

Comments are closed.

Exit mobile version