DNA-lid Edgar Sampie gaf een update over het gebied tussen Nieuw Koffiekamp en de Royal Hill-mijn, onderdeel van het concessiegebied van Zijin, dat uiterlijk vrijdag 13 februari moest worden ontruimd. Hij benadrukte dat de goudzoekers het gebied niet willen verlaten, en zei hierover: “Die jongens kunnen niet weg, ze willen niet weg.”
De goudzoekers moeten het gebied verlaten in opdracht van de overheid. Afgelopen donderdag waren zij uitgenodigd op het Kabinet van de President, maar ze zijn ontevreden over het gesprek. Volgens het DNA-lid opereren zij illegaal binnen een concessie van een multinational en kunnen ze niet vechten tegen het bevoegd gezag. Hij benadrukte dat de overheid vasthoudt aan de ontruiming en dat dit tijdens het gesprek duidelijk aan de goudzoekers is gemaakt.
Er komt een vervolggesprek aanstaande dinsdag om samen met de goudzoekers naar mogelijke opties te kijken. Volgens Sampie biedt de huidige aanpak geen duurzame oplossing. Hij geeft aan dat als 400 goudzoekers het gebied verlaten, de regering werkgelegenheid moet bieden en machines zoals dozers en poclains beschikbaar moet stellen. Als slechts 30 goudzoekers geholpen worden, blijft een groot deel broodloos achter.
Voor een duurzame aanpak pleit het DNA-lid voor registratie van alle goudzoekers, het geven van een badge aan iedere persoon en afspraken met het bedrijf over gecontroleerd goudzoeken tijdens de schafteuren van Zijin, waarna de mijn onder strikte regels wordt verlaten.
Over de onveilige situatie in het gebied zegt hij dat ongelukken vaak ontstaan wanneer de politie achter de goudzoekers aangaat, waardoor paniek kan ontstaan en iemand in een goudput kan vallen. Ook kan een kogel van politieoptreden iemand raken. Hij merkt op dat de goudzoekers hun ontevredenheid op verschillende manieren uiten.
De politie is aanwezig en gebruikt een drone om de boodschap over te brengen dat de ontruiming moet plaatsvinden.
